27 juni 2019

Ambassadeurs

Sifan Hassan: ‘Ik ben nog steeds dezelfde Sifan: altijd blij’

Atlete Sifan Hassan heeft als kind kilometers gelopen. Ze speelde in de heuvels in Ethiopië altijd buiten en heeft daar goede herinneringen aan. Ook na haar vlucht uit Ethiopië heeft sport een belangrijke rol gespeeld. In eerste instantie om haar zorgen even te vergeten, maar later juist om een nieuwe toekomst op te bouwen.

Ambassadeur Sifan HassanPlank in een jurk

Sifan: “Als kind droeg ik broeken. Ik was zo dun, als ik een jurk aan had, zag ik er bij wijze van spreken uit als een plank! Op een dag, we waren zes, zeven jaar oud, vroeg mijn vriendin of ze mijn broek mocht lenen. Ze wilde meedoen aan een hardloopwedstrijd op school. Dat mocht ze natuurlijk, want dat betekende dat ik haar prachtige jurk kon aantrekken, de jurk waar ik altijd zo jaloers op was.

“In de bosjes wisselden van kleding en zij liep haar wedstrijden. Daarna zei ze: nu moet jij ook lopen! Ze bleef maar pushen, en ook al had ik eigenlijk geen zin, uiteindelijk heb ik toch meegedaan. Dus ik trok mijn eigen broek weer aan en liep de 100 meter, de 200, de 300, tot en met de 800 meter. Op alle afstanden eindigde ik als een van de laatsten. Behalve op de 800 meter, daar werd ik tweede. Ja, toen was ik blijkbaar al iemand van de middellange afstanden.” 

Opgesloten en gespannen

Sifan: “In Ethiopië liep ik elke dag naar school, maar ik deed niet echt aan sport. Eigenlijk speelde ik vooral, beoefende ik allerlei verschillende sporten door elkaar heen. Het werd nooit echt serieus. Op mijn vijftiende kwam ik naar Nederland, en werd ik opgevangen in Assen. Daar voelde ik me opgesloten. Ik kon er voor mijn gevoel niks doen, ik was ook nog te jong om te werken. Oh, ik was er zo ongelukkig. Al die energie die ik normaal buiten kwijt kon, bleef nu in mijn lijf zitten. Daardoor kon ik nauwelijks slapen, was ik de hele tijd gespannen. Dus heb ik op een bepaald moment gezegd: ik ga sporten, anders word ik gek.

“De sporten die ik bedacht om te beoefenen, waren allemaal duur. Het enige dat eigenlijk gratis was, was hardlopen. Toen ik via via naar Leeuwarden ging, heb ik me daar aangesloten bij atletiekclub Lionitas. Ze zeiden dat ik een talent was, ze gaven me zelfs schoenen om te lopen.

“Pas toen ik later naar Eindhoven verhuisde, omdat daar een grote Ethiopische gemeenschap is, ging mijn ontwikkeling als hardloopster echt van start. Ik studeerde zorg aan het ROC en werd getraind door een Ethiopische oud-atleet: Aiduna Aitnafa. Hij maakte me enthousiast, liet beelden zien van grote lopers als Haile Gebrselassi en Ellen van Langen. Hij zorgde dat ik van Nike een tas vol nieuwe schoenen kreeg. Dat was voor mij echt iets ongelooflijks, ik had nog nooit zoiets waardevols gekregen. Aiduna liet me geloven dat ik het kon, dat ik het in me had om een goede loopster te worden. Hij veranderde mijn mentaliteit, zorgde dat ik ambitie kreeg.”

National Geographic

Sifan: “Ik heb nooit gedroomd van een leven als topsporter. Als kind wilde ik altijd wetenschapper worden. Omdat ik steeds de vraag stelde: waarom? En: hoe zit dat nu precies? Ik wilde alles weten, wilde alles onderzoeken. Nog steeds kijk ik graag naar programma’s van de tv-zender National Geographic. Toch ben ik blij dat ik die studie niet heb gedaan. Want in de wetenschap zijn er geen grenzen, je kan altijd door blijven zoeken naar antwoorden. En ik heb juist een doel nodig, een einde. Dat vind ik in mijn sport: ik train om beter te worden, om bepaalde tijden te kunnen lopen. In een wetenschappelijke studie zou ik mezelf waarschijnlijk zijn verloren.”

Blijf maar normaal

“Trainers zeggen altijd dat je niks leert als je nooit verliest. Tja. Ik win eigenlijk bijna altijd, of ik word tweede… Ha, ik leer dus helemaal niks! Nee, dat is een grapje. Als ik verlies baal ik enorm en blijf ik nadenken wat ik fout heb gedaan. Gelukkig komt dit niet te vaak voor. Misschien ben ik wel verwend, want als kind won ik ook altijd alles, ik weet eigenlijk gewoon niet beter. Alleen in volleybal was ik niet zo goed, als we dat speelden, haalden ze me altijd van het veld.

“Als ik win, denk ik: ok, mooi. En dan ben ik even blij. Meer niet. Sommige atleten gaan huilen, doen ineens heel overdreven. Dat snap ik nooit zo goed. Blijf maar normaal. Toen ik mijn wereldtitel indoor op de 1500 meter won in 2016 was ik natuurlijk ook blij, en heus langer dan even, maar ik veranderde mijn gedrag niet. Ik ging niet ineens acteren. Nee, ik was alleen trots. Ook met de bronzen medaille op de 5000 meter op het WK in Londen in 2017 was ik ontzettend blij en gelukkig. Ik ben dan heel erg vrolijk en praat veel, maar verder blijf ik normaal.”

Lamborghini en koffie

Sifan: “Door de oorlog in Syrië kwamen er veel negatieve berichten over ‘vluchtelingen’ in de media. Ik schrok van dat negativisme. Kijk, ik voel me een echte Nederlander: ik heb een Nederlands paspoort, heb vrienden hier en heb hier lange tijd gewoond. Ook nu ik in Amerika train, woon ik een groot deel van het jaar in Arnhem. Ik voel me nog steeds een Nederlander. Maar toen dacht ik: oh, ben ik zelf ook nog een vluchteling? Ben ik nog steeds niet geaccepteerd?

“Een woord kan zoveel kapot maken, zoveel vooroordelen oproepen. Weet je hoe dat werkt? Stel je hebt lekkere koffie. Maar iedereen zegt de hele tijd dat die koffie vies is. Als jij er dan een slokje van neemt, durf je niet meer te zeggen dat je ‘m lekker vindt. Want ja, iedereen zegt dat het vieze koffie is. Dus dan zal het wel zo zijn.

“Zo gaat het met het woord ‘vluchteling’, maar ook met armoede. Het wordt een slecht woord. Als je arm bent, stel je blijkbaar niks voor. En als je dat zelf gelooft, ga je je schamen om hardop te zeggen dat je hulp nodig hebt. Maar wat is arm? En who cares? Je hebt gewoon niet zoveel geld. Dat is toch niet iets om je voor te schamen? Veel mensen denken dat Nederland een rijk land is. Ja, het land is rijk, maar niet alle ménsen zijn rijk, ze rijden echt niet allemaal in een Lamborghini.”

“Zo groeien in Nederland veel kinderen op in gezinnen waar te weinig geld is om bij een vereniging te kunnen sporten. Ik weet hoe belangrijk sporten is en wil als ambassadeur van het Jeugdfonds Sport & Cultuur aandacht vragen voor al deze kinderen. Door het Jeugdfonds Sport & Cultuur kunnen ze toch sporten en op die manier weer even zorgeloos kind zijn.”

Dezelfde Sifan: altijd blij

“Door te sporten kan je jezelf zijn, kan je zijn zoals je wíl zijn. Je kan er alles in kwijt: je boosheid, je energie. Vroeger wist ik nergens van, kon ik me niks voorstellen bij een leven met sport. Nu weet ik wat het kan brengen. Ik heb zoveel meegemaakt, zoveel gezien dankzij het lopen.

“Toch hebben die ervaringen me niet veranderd. Nou ja, misschien ben ik wat meer verantwoordelijk geworden. Ik weet nu dat hardlopen mijn leven is, dat dit is wat ik wil, en dat ik het serieus neem. Zeker sinds ik in december 2016 de keuze heb gemaakt om in Amerika te gaan trainen.

“Verder ben ik nog steeds dezelfde Sifan, en die is altijd blij. Dat was ik als kind al. Ik zie veel sporters om me heen die altijd serieus zijn, die een diepe frons op hun voorhoofd hebben. Daar heb ik gelukkig geen last van, ik lach veel.

“Ik denk dat dat positivisme vooral in mezelf zit. In Ethiopië zijn mensen heel relaxed. Je ziet er boeren die helemaal niks hebben, en toch gelukkig zijn. Het is de cultuur daar. Als je in Ethiopië een uur te laat komt voor je afspraak, maakt dat niks uit. Iedereen lacht en zegt: ga lekker zitten, wat wil je drinken? Ook als je iets van een ander stuk maakt, geeft dat niet. Geen probleem! Ha, soms ben ik zelfs té relaxed. Mijn moeder zegt dat het een wonder is dat ik niet de hele tijd alles vergeet, dat het goed is dat mijn hoofd aan mijn lijf zit.

“Daarom vind ik het zo vervelend dat ik soms bij belangrijke toernooien toch ineens stress krijg. Dat wil ik niet. In Amerika gaat mijn nieuwe coach me proberen te leren om die ontspannen houding altijd vast te houden. Eigenlijk om altijd mezelf te zijn. Dat moet een coach in mijn ogen eigenlijk altijd doen: zijn atleet de beste versie van zichzelf laten zijn.”

Volg Sifan

Twitter: @SifanHassan
Instagram: @sifanhassan

In 2018 hebben 65.100 kinderen de kans gekregen om te sporten via het Jeugdfonds Sport & Cultuur. 





Lees meer verhalen

Wist je dat?

gemeenten zijn aangesloten bij het Jeugdfonds Sport & Cultuur

kinderen groeit op in armoede

kinderen en jongeren in 2018 de kans kregen om te sporten

kinderen en jongeren in 2018 de kans kregen om te dansen, muziek te maken, schilderen...