Nieuws

Sinds 1 maart 2026 is Rob Janssen niet alleen directeur van Gezinsbuddy, voorzitter Urgente Noden DRV, vader van zes en theaterfanaat, maar ook bestuurslid van de Raad van Toezicht van het Jeugdfonds Sport & Cultuur.

Met ervaring in de media, als ondernemer in de IT en in de wereld van stadspassen brengt hij een boekje aan kennis, ideeën en een scherp, soms confronterend, perspectief mee naar onze organisatie. Door zijn carrière loopt één rode draad: het optimaliseren van systemen en processen. Maar, wel op z’n Robs: met de mens als instrument.

Rob Janssen Raad van Toezicht

“Wat ik nu doe, doe ik echt vanuit mezelf”

Rob groeit op in een gezin met weinig financiële ruimte. “Ik kom niet uit een straatarm gezin, maar uit een redelijk arm gezin. Dus ik weet hoe het is als het geld er niet is, dat sporten of naar het theater gaan de eerste dingen zijn die daar de dupe van worden. Er moet gegeten worden. Huur moet betaald worden. Gas, water, licht. En dan pas komen de leuke dingen.”

Hoewel Rob tegenwoordig het liefst een balletje slaat op de padelbaan, kiest hij als kind bewust voor atletiek, een sport die goedkoop was. Die ervaring zorgt voor extra affiniteit met het Jeugdfonds. “Wat ik nu doe, doe ik echt vanuit mezelf. Ik vind het gewoon heel belangrijk dat kinderen een goede start krijgen.”

De maatschappelijke drijfveer

Robs maatschappelijke motortje gaat draaien na een lange carrière in de media en als ondernemer. Hij besluit: “Ik wil iets nuttigs doen. Met maatschappelijke relevantie.”

Die behoefte wordt, min of meer “per ongeluk”, voldaan wanneer hij een belletje krijgt van gemeente Rotterdam en kennismaakt met de wereld van stadspassen en minimaregelingen. “Ze deden een meervoudige aanbesteding en hadden nog een vijfde partij nodig,” vertelt Rob. Het IT-bedrijf, waar hij op dat moment net een half jaar mee is gestart, schrijft zich in. “Ingeschreven, gewonnen. Maar eigenlijk wist ik toen nog niks van stadspassen af. Alleen dat het voor minima was.”

Wat begint als een sprong in het diepe, groeit uit tot Robs nieuwe specialisme. Binnen enkele jaren is zijn bedrijf marktleider en werkt hij voor meerdere grote gemeenten. “Toen ik erachter kwam dat een stadspas er ook kan zijn voor kinderen voor wie sport en cultuur niet vanzelfsprekend is, dacht ik: daar kunnen we nog veel meer mee doen!”

De kracht en onmacht van de stadspas

De ervaringen met gemeenten vormen de pilaren van zijn Jeugdfonds-visie. Rob vertelt: “Zo’n pas is een heel mooi uitvoeringsinstrument.” Maar, vervolgt hij kritisch: “Gemeenten vergeten het andere instrument, dat is de mens.”

Veel mensen vinden de weg naar gemeentelijke regelingen niet vanzelf, of ervaren drempels of wantrouwen om hulp te vragen. Dit herkent Rob vanuit zijn eigen jeugd. “Te trots,” zegt hij over zijn moeder. “Er zit veel schaamte en taboe.”

Daarnaast wijst hij op complexiteit van aanvraagprocedures. Mensen komen volgens Rob eerder terecht bij organisaties in het maatschappelijk middenveld. “Het Jeugdfonds bereikt de mensen waar we het voor doen. Die bereiken we écht. En de gemeente bereikt slechts een deel.”

De kracht van het Jeugdfonds

Die overtuiging sluit aan op wat hij ziet als één van de grootste krachten van het Jeugdfonds: de Meerkrachten. “Dát is de mens als instrument,” legt hij uit. “Het echt contact maken en het vinden en bereiken van de doelgroep. Dáár zit onze kracht.”

Juist in een tijd waarin systemen steeds belangrijker worden, is dat menselijke aspect onderscheidend. Tegelijkertijd waarschuwt hij dat die kracht nog niet altijd goed zichtbaar is voor gemeenten. “De gemeente kijkt naar het Jeugdfonds als een administratiekantoor. Dat is het beeld dat zij hebben,” zegt hij eerlijk. “En als we daar niks aan gaan doen, dan lopen we het risico dat we over acht jaar weg zijn.”

Een stevige signalering, maar volgens Rob een noodzakelijke. “Ik geloof bij alles heel erg in de wet van Darwin. Je moet als organisatie altijd vooruit blijven bewegen.”

Samenwerken in plaats van verdedigen

In een veld dat continu verandert, technologisch, financieel én maatschappelijk, ziet Rob dat organisaties zich soms ingraven in hun eigen gelijk. “Iedereen gelooft in de juistheid van wat ze zelf doen,” zegt hij. “Terwijl ik geloof in de kracht van samenwerken.”

De kansen voor het Jeugdfonds liggen volgens Rob dan ook in de samenwerking met gemeenten op het gebied van stadspassen. Het fonds beschikt al over een netwerk van sport- en cultuuraanbieders en heeft ervaring met het onderhouden van die relaties. Daarnaast ziet hij mogelijkheden om bijvoorbeeld financiële regelingen aan te vullen. Gemeentelijke budgetten zijn vaak beperkt, terwijl de behoefte groeit. Door aanvullende financiering te organiseren en een rol te spelen in aanbodmanagement, kan het Jeugdfonds volgens hem meer betekenen voor kinderen en gemeenten.

Rol binnen de Raad van Toezicht

Binnen de Raad van Toezicht ziet Rob zichzelf als een betrokken sparringpartner en, af en toe, advocaat van de duivel. “Ik ben wel van het doen,” zegt hij, “maar in deze rol gaat het er juist om dat je op afstand blijft en de juiste vragen stelt.”

Met name op inhoudelijk vlak ziet hij kansen om de positie en koers van het Jeugdfonds te versterken. “We moeten onze propositie aanscherpen en duidelijk maken waar onze kracht ligt. Ik denk te weten waar de ontwikkelingen zitten, want ik kom uit die wereld. We moeten ervoor zorgen dat we in die veranderingen meegaan. Maar, daar is tijd voor nodig. Ik hoop dat we met elkaar een hele mooie nieuwe route kunnen maken. Eentje die werkt. Daar heb ik heel veel zin in.”

>> Meer over onze Raad van Toezicht

Sinds november 2024 is Marry Roseboom, samen met Judith Kooistra, coördinator van het Jeugdfonds Sport & Cultuur Noord-Holland. Haar drijfveer? Kinderen en jongeren kansen bieden die voor veel anderen vanzelfsprekend zijn. “Ik voel me altijd verbonden met kinderen die niet automatisch dezelfde mogelijkheden krijgen. Dat komt terug in mijn werk en persoonlijke leven: als pleegouder, gezinshuisouder, jeugdbeschermer en jeugdverpleegkundige in een AZC heb ik altijd geprobeerd iets extra’s te betekenen.” 

Buiten haar werk brengt Marry haar tijd het liefst door met haar gezin: haar man, vijf zonen en twee aanhang. Samen genieten ze van het leven en de natuur, iets waar Marry zelf ook enorm van oplaadt. 

Wat doet een coördinator bij het Jeugdfonds Sport & Cultuur?

Marry legt uit: “Als coördinator vervul ik niet alleen een organiserende rol, ik heb ook een regiefunctie. Ik zorg dat de budgetten goed worden ingezet, dat aanvragen soepel verlopen en dat middelen effectief worden gebruikt. Daarnaast onderhoud ik een sterk netwerk van Meerkrachten, aanbieders, scholen en organisaties. Alleen samen kunnen we écht verschil maken voor kinderen die opgroeien in armoede.” 

Motivatie om bij het Jeugdfonds Sport & Cultuur te werken

“Ik wil graag verschil maken in mijn werk. Het geeft me energie om te weten dat ik bijdraag aan een betere toekomst voor kinderen en jongeren. Dat gevoel houdt me gemotiveerd en maakt dat ik elke dag met plezier naar mijn werk ga.” 

Sport en cultuur in Marry’s leven 

Marry houdt van bewegen, vooral buiten in de natuur. Ze wandelt en fietst graag lange afstanden. “Het geeft me rust en ruimte in mijn hoofd,” vertelt ze. Daarnaast zingt ze in een rockkoor: “Samen iets moois creëren met anderen, dat geeft ontzettend veel voldoening.” 

Het belang van sport en cultuur voor kinderen

“Sport en cultuur zijn geen luxe. Ze zijn essentieel voor een gezonde ontwikkeling. Ze helpen kinderen fysiek en mentaal sterker te worden, stimuleren creativiteit en sociale vaardigheden, en geven kinderen die in armoede opgroeien gelijke kansen en perspectief op een mooie toekomst.” 

Een moment van impact

Hoewel Marry geen direct contact heeft met de kinderen die worden ondersteund door het Jeugdfonds, raken de verhalen van Meerkrachten en aanbieders haar vaak. “Een voetbalvereniging vertelde me laatst hoe blij ze waren dat een jongen dankzij ons kon sporten. Het laat zien dat je met kleine middelen een groot verschil kunt maken.” 

Het mooiste aan het werk 

“Het meest inspirerende zijn de mensen die zich elke dag inzetten voor kinderen en jongeren. Door dat stapje extra te zetten, maken ze een enorm verschil in het leven van een kind of gezin. Samen bereiken we zoveel moois.” 

Wens voor de toekomst

Marry’s grootste wens? “Dat het Jeugdfonds ooit niet meer nodig is. Maar tot die tijd blijven we ons met hart en ziel inzetten voor elk kind dat een kans verdient.” 

 

Het bestuur van Jeugdfonds Sport & Cultuur Gelderland is al enkele maanden versterkt met Erik Kemper. In deze periode heeft hij zich aangesloten bij het bestuur en zet hij zich met overtuiging in voor de missie om sport en cultuur toegankelijk te maken voor alle kinderen in Gelderland.

Van Nijmegen naar maatschappelijke impact

Erik woont met zijn vrouw Wendy en twee dochters (18 en 22 jaar) in Nijmegen, de stad die hem al op jonge leeftijd heeft gevormd.“Als broekie van 19 vloog ik het ouderlijk huis uit en ging ik hier op kamers om me onder te dompelen in een fantastische stad vol mogelijkheden.”

Na een uitstapje van acht jaar naar Amersfoort woont hij inmiddels alweer meer dan twintig jaar in Nijmegen. Opgeleid als bedrijfskundige kwam Erik terecht in de financiële wereld. De kennis en ervaring die hij daar opdeed, zet hij nu bewust in voor maatschappelijke vraagstukken.“De ervaring die ik daar heb opgedaan, probeer ik sinds een aantal jaar in te zetten op maatschappelijk relevante uitdagingen.”

Zo raakte hij betrokken bij sociaal ondernemerschap, met speciale aandacht voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt.

Sport als levensles

Sport speelt een grote rol in het leven van Erik. Als kind begon hij met voetbal, maar al snel vond hij zijn echte passie: wielrennen.“Als jongetje van 11 of 12 betekende dat al bijna dagelijks trainen en ieder weekend een wedstrijd. Fantastisch. En heel erg vormend.

Van rondjes om de kerk tot klassiekers door polders en bossen: het wielrennen heeft hem gevormd.“Ik kan wel stellen dat een aanzienlijk deel van mijn karakter door het wielrennen is gevormd.”

Naast wielrennen is duiken een andere grote passie. Erik behaalde zelfs zijn brevet als divemaster en ontdekte op vele plekken de onderwaterwereld.

Waarom het Jeugdfonds?

Juist zijn persoonlijke ervaringen maken zijn motivatie voor het Jeugdfonds vanzelfsprekend.“Sport en cultuur voor kinderen is zo enorm belangrijk en vormend voor wie je wordt en later bent, dat is niet te onderschatten.”

Dat sport en cultuur voor steeds meer kinderen niet vanzelfsprekend bereikbaar zijn, raakt hem diep.“Dat kan en mag niet waar zijn in een land als Nederland.”

Volgens Erik reikt de impact veel verder dan sport of cultuur alleen:“Als kinderen gewoon kunnen meedoen, heeft dat effect op doorzettingsvermogen, weerbaarheid, zelfvertrouwen, vriendschap, discipline en respect.”

Wat hij meebrengt in het bestuur

In zijn rol als bestuurslid kijkt Erik vooral naar hoe hij met zijn ervaring kan bijdragen aan het geheel.“Het belangrijkste vind ik dat ik met mijn ervaring wat nuttigs kan bijdragen aan het bestuur en het team van het Jeugdfonds.”

Maar de grootste voldoening zit voor hem in de impact voor kinderen:“Het mooiste is dat we kinderen kunnen helpen bij het vinden en beoefenen van hun passies, juist als dat thuis niet vanzelfsprekend is.”

Boodschap aan ouders

Aan ouders met een beperkt budget wil Erik vooral dit meegeven:“Schroom niet om hulp te vragen. Voel je niet schuldig en voel je geen slechte ouder.”

Integendeel:“Voor mij ben je een echte held als je het lef hebt om te erkennen dat je het niet alleen kunt.”

Een wens voor de toekomst

Zijn wens voor de toekomst is helder en hoopvol:“Dat het Jeugdfonds ooit niet meer nodig is en dat ieder kind kan dansen, sporten, toneelspelen, schaken, zwemmen of muziek maken.”

Met de inzet van Erik Kemper werkt het Jeugdfonds iedere dag een stap dichter naar die toekomst.

José Hiel is bestuurslid bij het Jeugdfonds Sport & Cultuur Breda en verantwoordelijk voor de portefeuille Bereik en Meerkrachten. Vanuit haar professionele achtergrond in het sociaal domein zet ze zich ook persoonlijk in om zoveel mogelijk kinderen te bereiken waarbij het gezin extra steun kan gebruiken. ”Het Jeugdfonds benadert de steun op een positieve manier. Dat vind ik mooi.”  

Van management naar dichterbij

Met jaren ervaring in managementfuncties wilde José nog dichter bij de praktijk staan. Een kennis tipte haar op de bestuursfunctie bij Jeugdfonds Sport en Cultuur Breda. “Ik heb echt een zwak voor kinderen. Mijn eigen kinderen groeien gelukkig en gezond op, ook met sport en verenigingen. Dat gun ik elk kind. Daarom doe ik dit werk als bestuurslid zo graag, naast mijn rol als directeur Sociaal Domein bij de gemeente Altena.” 

Meerkrachten als poort naar gezin

Binnen het fonds richt José zich op het ondersteunen van Meerkrachten: leraren, bewindvoerders, jeugdconsulenten en buurtsportcoaches die gezinnen signaleren en helpen bij aanvragen. “Zij zijn onze poort naar gezinnen. Dus is het belangrijk ze goed te bereiken en het ze zo makkelijk mogelijk te maken om ouders door te verwijzen en te begeleiden.” Het fonds organiseert regelmatig ontmoetingen en bijeenkomsten met Meerkrachten om ervaringen te delen. “Als we onze krachten zouden bundelen, ook met andere partijen zoals Leergeld en de Voedselbank, komen we nóg dichterbij de gezinnen.” 

Simpele middelen

Volgens José kan het voor ouders lastig zijn om de juiste regelingen te vinden. “Er zijn zoveel mogelijkheden: voor schoolspullen, een fiets, een laptop en dus ook voor sport en cultuur. ”Naast gemeentelijke communicatie en acties via partners zet het Jeugdfonds ook simpele middelen in: briefjes in schooltasjes of folders via scholen. “Dat is nog altijd de meest directe manier om ouders te bereiken.” 

Subsidie en mooie gebaren

Het Jeugdfonds ontvangt subsidie van de gemeente. Daarnaast blijft aanvullende fondsenwerving nodig. “We krijgen bijvoorbeeld structurele steun via een nalatenschap van een familie die ons werk belangrijk vindt. Dat is zó’n mooi gebaar. Ook proberen we evenementen met een goed doel te interesseren voor ons fonds. Gelukkig lukt dat vaak goed. Soms komen donaties uit verrassende hoeken, spontaan van kinderen zelf of uit verjaardagsfeesten. Met onze goede naam en transparante beleid lukt het ons om de begroting rond te krijgen.” 

Nog beter zicht op kinderen

“In Breda wonen naar schatting drieduizend kinderen die we zouden willen helpen, van wie we er jaarlijks ruim tweeduizend bereiken. De vraag blijft: waar zijn die andere duizend en hoe kunnen we daar beter zicht op krijgen?” vertelt José. “Soms kennen ouders de verenigingen niet of spelen culturele gewoontes of praktische drempels, zoals vervoer, een rol. En soms vallen mooie initiatieven zoals straatvoetbal of muzieklessen op school buiten de standaardregelingen. Het zou mooi zijn als we dat steeds meer mee kunnen nemen in ons aanbod.” 

Zichtbaarheid en korte lijnen

Het Jeugdfonds zoekt steeds nieuwe manieren om in contact te komen met ouders en kinderen. “We werken bijvoorbeeld mee aan een sportspullenbeurs waar we met ouders in contact komen en informatie geven. Met een kleine investering kun je een kind al enorm blij maken. Ook proeflessen helpen. Dan kunnen kinderen eerst kijken of iets echt bij hen past.” José prijst de slagkracht en strakke organisatie van het fonds. “We zorgen dat het geld direct bij het kind terechtkomt, met nauwelijks overhead. Dat maakt ons flexibel en sterk. En doordat we landelijk verbonden zijn maar puur lokaal werken, kunnen we maatwerk bieden.” Het bestuur is hecht en actief: “We vullen elkaar goed aan en het werk voelt waardevol.” 

Meedoen en vrolijkheid

Sport en cultuur betekenen volgens José veel meer dan alleen een hobby. “Kinderen leren samenwerken, winnen en verliezen, krijgen zelfvertrouwen en bouwen vriendschappen op. Dat vormt de basis voor hun verdere ontwikkeling. Hopelijk komt er ooit een tijd dat zoiets als het Jeugdfonds helemaal niet meer nodig is. Dat zou het allermooiste zijn.” Tot die tijd blijft José zich volop inzetten. “Het Jeugdfonds kijkt naar wat wél kan en straalt in alles enorm veel vrolijkheid uit. Dat positivisme werkt aanstekelijk.” 

Sport en cultuur betekenen veel meer dan alleen een hobby.

Feitjes over over José:

Hoe oud ben jij?  56 jaar
Wat is jouw favoriete sport? Ik racefiets heel graag
Wat is je favoriete liedje? Ik luister graag naar Donna Summer
Wat zou je doen met een miljoen? Een mooie reis maken, mijn kinderen steunen, gewoon blijven werken en een mooi bedrag aan het Jeugdfonds geven:-).
Wat gun je elk kind?  Elk kind verdient een onbezorgde jeugd 

Jeroen Meeuwissen is voorzitter van het bestuur van Jeugdfonds Sport & Cultuur Breda. Viereneenhalf jaar geleden stapte hij in het bestuur, naast een carrière in het bedrijfsleven en andere maatschappelijke betrokkenheid. “Ik wilde graag iets betekenisvols doen. Via een oud-penningmeester kwam ik in contact met het Jeugdfonds. Ik voerde wat gesprekken met de toenmalige voorzitter en andere bestuursleden om te leren hoe het fonds werkt en toen was ik direct verkocht!” 

 Meer dan contributie en spullen

“Voor buitenstaanders lijkt het simpel: wij betalen contributie en attributen voor kinderen in gezinnen met een krap budget die sport- en cultuurlessen willen volgen. Maar het speelveld eromheen is enorm breed. Van de landelijke organisatie tot de gemeente Breda, van Meerkrachten tot aanbieders,” vertelt Jeroen. Hij ging samen met coördinator Hanneke op bezoek bij de landelijke organisatie in Amsterdam. “Dan zie je hoe groot de impact is van wat we lokaal doen. In Breda helpen we nu meer dan 2100 kinderen, maar we weten dat er nog meer zijn die in aanmerking komen. We maken dus al veel verschil, maar willen nog meer kinderen bereiken.” 

Samenwerking in de stad

De samenwerking met partners in de stad noemt Jeroen cruciaal. “De gemeente Breda is heel belangrijk voor ons. Niet alleen financieel, maar ook inhoudelijk. Ze laten zien dat ze kinderen kansen willen geven en dat ze vertrouwen hebben in hoe wij dat organiseren. Daarnaast werken we nauw samen met organisaties als Breda Actief, wijkcoaches en verschillende initiatieven in de wijk. Zij spreken de taal van de gezinnen en bereiken kinderen die wij anders misschien niet zouden zien.  

De hele buurt bijelkaar brengen

De Meerkrachten zijn daarbij onmisbaar. “Die zitten in de wijken, op scholen, bij verenigingen. Zij zien waar hulp nodig is en kunnen direct de link leggen naar ons fonds. Dat werkt fantastisch. Door hen krijgen we kinderen in beeld die we anders nooit hadden gevonden,” vertelt Jeroen. “Neem zoiets als Panna Knock Out, toernooien waar kinderen gratis kennismaken met straatvoetbal. Dat brengt de hele buurt bij elkaar en dáár gaat het om. Dat doen we bewust in wijken waar veel gezinnen zijn met financiële zorgen want daar zijn de drempels om lid te worden van een sportclub vaak hoog. Naast een leuke dag beleven, hopen we dat kinderen enthousiast worden en zich aansluiten bij een club.”  

Bekendheid en betrokkenheid

Er zijn helaas veel gezinnen die nét buiten de BredaPas vallen maar wel moeite hebben om rond te komen en waar schaamte is om hulp te vragen. In die verborgen armoede ligt voor het fonds nog een uitdaging. ”Zichtbaarheid helpt,” zegt Jeroen. “We gaan regelmatig naar bijeenkomsten, bijvoorbeeld bij netwerkclubs, waar we vertellen over ons werk. Dat levert niet alleen donaties op, maar ook ambassadeurs. Iemand die een dansschool heeft, vertelde over hoe hij dankzij het Jeugdfonds kinderen dansles kon laten volgen. Samen hebben we zelfs een project opgezet zodat ouders kaartjes konden krijgen voor de eindvoorstelling in het Chassé Theater. Dat vind ik prachtig: kleine initiatieven met groot effect.” Ook zijn er de vaste ambassadeurs: topsporters en mensen van naam en faam zoals Tiësto.”Dankzij hun inzet en donaties krijgen we meer bekendheid en kunnen we af en toe ook iets extra’s doen”. 

Sport, cultuur en trots

De verhalen die Jeroen het meest raken, zijn die van kinderen zelf. “Een meisje dat dankzij het fonds op paardrijden kon, een jongen met een gehoorbeperking die met een extra coach zwemles kon volgen, een toptalent dat voetbalschoenen nodig had, dat zijn de aanvragen die je nooit meer vergeet. Het laat zien dat we flexibel kunnen zijn als dat nodig is.” Hij benadrukt hoe belangrijk het is dat kinderen zich kunnen ontwikkelen. “Meedoen met sport of cultuur gaat zo veel verder dan de schooltijd. Het legt een basis voor wie je in je verdere leven wordt. Kinderen leren samenwerken en doorzetten, krijgen zelfvertrouwen en voelen zich onderdeel van de samenleving. Dat gun je ieder kind.” 

Een meisje dat dankzij het fonds op paardrijden kon, een jongen met een gehoorbeperking die met een extra coach zwemles kon volgen, een toptalent dat voetbalschoenen nodig had, dat zijn de aanvragen die je nooit meer vergeet.

Een warm meewerkend bestuur

Over het bestuur is Jeroen zichtbaar trots: “Onze bestuursleden zijn allemaal betrokken vrijwilligers die zich inzetten omdat ze concreet iets willen bijdragen. De samenwerking met het kleine kantoor van het Jeugdfonds in Breda is daarbij heel belangrijk. Zij zijn immers het gezicht van het fonds, de spil van de organisatie. Wij zorgen dat zij de ruimte en steun krijgen om hun werk goed te doen.” 

Vooruitkijken

De komende jaren wil Jeroen vooral verder bouwen aan bereik en continuïteit. “We willen nog meer kinderen helpen en ervoor zorgen dat het fonds sterk blijft. We moeten, net als iedereen, alert blijven. De kosten van sport- en cultuurcontributies stijgen een stuk sneller dan de subsidies. Daarom blijven we actief fondsen werven en onze samenwerkingen overal in Breda versterken. Gelukkig wordt iedereen altijd blij van wat Jeugdfonds kan betekenen.” 

Feitjes over Jeroen

Hoe oud ben je?  59 jaar
Wat is je favoriete sport? Padel – ik speel één à twee keer per week, puur voor de lol.
En je favoriete liedje?  Angie’ van The Rolling Stones. Er zit zoveel in, ook emotie. En ik bewonder ze om hun levensenergie.
Waar ben je trots op als het gaat om Jeugdfonds?  Op de impact die we maken en op het enthousiaste bestuur dat er met hart en ziel voor gaat.
Wat zou je doen met een miljoen? Een deel zou zeker naar het Jeugdfonds gaan. En ik zou het schooltje voor weeskinderen in Swaziland waar we al jaren betrokken bij zijn nóg meer steunen.
Wat gun je kinderen in Breda? Dat ze zichzelf kunnen zijn, hun talenten ontwikkelen en trots kunnen zijn op wat ze doen. Dat ze met plezier kunnen opgroeien in deze mooie stad.

De dagen vliegen voorbij en de zomervakantie staat alweer bijna voor de deur. Van 17 juli tot en met 12 augustus is de backoffice van Jeugdfonds Sport & Cultuur Gelderland gesloten vanwege vakantie.

Belangrijk: stuur nieuwe aanvragen daarom vòòr 17 juli in. Dan kunnen we ervoor zorgen dat ze op tijd verwerkt worden, voor de start van het nieuwe sport- en cultuurseizoen.

Voor aanvullende informatie over een aanvraag- en facturatievragen kun je contact opnemen via mail: gelderland@jeugdfondssportencultuur.nl of telefonisch op: 06 – 512 006 95

Iedereen moet kunnen meedoen

Arnold Devreese zet zich in voor kansengelijkheid via sport en cultuur. Niet ieder kind kan vanzelfsprekend meedoen aan sport of cultuur. Het Jeugdfonds Sport & Cultuur Gelderland maakt het mogelijk voor kinderen uit gezinnen met minder financiële middelen om tóch deel te nemen.
Sinds september 2024 zet Arnold Devreese zich als bestuurslid
(secretari s/vice-voorzitter) in voor dit prachtige doel. “Meedoen is niet alleen belangrijk, het is essentieel,” zegt hij vol overtuiging.

Van de SER naar het Jeugdfonds – een leven vol maatschappelijke betrokkenheid

Arnold (67) woont met zijn partner Jenny in Well (Bommelerwaard) en geniet sinds kort van zijn pensioen. Maar stilzitten doet hij niet. Jarenlang was hij directeur van de adviesdirectie Sociale Zaken bij de Sociaal-Economische Raad (SER), waar hij werkte aan thema’s als onderwijs, pensioenen, gezondheidszorg en sociale zekerheid. Zijn passie voor kansengelijkheid blijkt uit het SER-advies “Gezond opgroeien, wonen en werken voor iedereen”,
dat hij mede opstelde.

Sportieve Bourgondiër met een passie voor cultuur

Een leven lang leren én bewegen: dat is Arnold ten voeten uit. “Ik loop drie keer per week hard, doe aan stijldansen, tennis en racefietsen. Daarnaast geniet ik enorm van theater, film, muziekoptredens en lezen.” Cultuur is voor hem net zo belangrijk als sport. Niet verwonderlijk dus dat hij zijn hart volledig aan het Jeugdfonds heeft verpand.

Waarom het Jeugdfonds? “Ik weet hoe het voelt om niet mee te kunnen doen”

Arnold groeide op in een boerengezin in België, waar meedoen aan sport geen vanzelfsprekendheid was. Terwijl zijn klasgenoten naar de voetbal gingen, werkte hij op het erf. Die ervaring heeft hem gevormd. “Daarom wil ik kinderen vandaag wél de kans geven hun talenten te ontd

ekken.”

Het mooiste? ‘’Samen impact maken!”

Wat hem het meest aanspreekt in zijn rol bij het Jeugdfonds? “De energie die vrijkomt als we met elkaar écht iets kunnen betekenen. Zien hoe betrokken vrijwilligers – zoals de Meerkrachten – zich inzetten voor kinderen, raakt me diep.”

Oproep aan ouders: “Vraag hulp – het Jeugdfonds is er voor jullie!”

Arnold richt zich tot ouders die het financieel moeilijk hebben: “Blijf niet in stilte zitten. Vraag hulp voor je kind. Het Jeugdfonds is er juist voor gezinnen zoals het jouwe. Geef je kind de kans om te groeien, te bewegen en te bloeien.”

Toekomstdroom: een fonds dat overbodig wordt

Wat wenst Arnold voor de toekomst? “Dat we zó succesvol zijn in het creëren van gelijke kansen, dat een jeugdfonds op een dag niet meer nodig is. Tot die tijd blijf ik me met hart en ziel inzetten.”

 

Terugblik op twaalf jaar Jeugdfonds  

Meer dan twaalf jaar was Christa Compas betrokken bij het Jeugdfonds Sport & Cultuur. In december 2024 trad ze af als lid van de Raad van Toezicht. Als ze terugblikt, komt met name een gevoel van daadkracht en positiviteit boven. Het Jeugdfonds is in haar ogen een echt ‘feel-good’ fonds: vind maar eens iemand die sportende en zingende kinderen níet leuk vindt.  

Van een dubbeltje een kwartje maken

Compas is een kind van de jaren ’70. Het motto van toen? Voortuitgang is mogelijk, je moet altijd blijven proberen om een dubbeltje in een kwartje te veranderen. Door mogelijkheden te creëren én te benutten. “Zo heb ik het altijd ervaren, ik geloof er heilig in dat dat óók mogelijk is voor de huidige generatie kinderen – ongeacht hun thuissituatie moeten zij mogelijkheden krijgen om mee te doen,” aldus Compas.

Voetbaltas in plaats van diagnose Toen ze in 2013 met het Jeugdfonds in aanraking kwam, werkte ze bij een onderwijsadviesbureau in Amsterdam. Het bureau stuurde schoolmaatschappelijk werkers, experts op het gebied van lezen en rekenen en ook psychologen naar de scholen om testjes te doen met kinderen. “Daar rolden dan rapporten uit en kinderen kregen een ‘stempel’. Ik begon me steeds vaker af te vragen: wat heb je dan aan zo’n onderzoeksrapport en een diagnose? Zijn (sommige) kinderen niet meer gebaat bij positieve ervaringen en concrete activiteiten. Kunnen we ze niet beter faciliteren in sport bijvoorbeeld? Hop een voetbaltas mee, schoenen aan en meedraaien in een team. Zouden ze daar niet veel meer van opknappen? Het was toeval dat ik gewezen werd op het bestaan van het Jeugdfonds.”

Ze was ontzettend gecharmeerd van de relatieve simpliciteit van de organisatie. Het welzijn en de ontwikkeling van kinderen verbeteren door ze eenvoudigweg te laten deelnemen aan sport (sport en cultuur waren toen nog twee gescheiden fondsen, red.).

Sport vormt karakter

“Sport is zoveel meer dan een balletje trappen of een doelpunt scoren. Dat heb ik ook bij mijn twee kinderen gezien. Het is leren omgaan met tegenslag, op tijd komen, discipline kweken (je gaat óók als je geen zin hebt), ergens bij horen, verantwoordelijkheidsgevoel ervaren en doorzetten – het vormt karakter. Daarnaast kom je op een sportclub vaak uit je sociale bubbel. En dat verrijkt je leven.” Ze voegt nog toe dat het uiteraard belangrijk is om kinderen in deze tijden van op de bank hangen en obesitas in beweging te krijgen. Maar haar diepste motivatie om bij te dragen aan het fonds, die zit ‘m in de sociale en persoonlijke vaardigheden die sport oplevert.

Fonds waar iedereen van houdt

Volgens Compas vindt iedereen Nederlandse kinderen laten sporten, zingen en dansen een goed idee. Een fonds dat dit mogelijk maakt, is aaibaar. “Het is veel minder omstreden als bijvoorbeeld ontwikkelingshulp. Het Jeugdfonds is echt een enorm ‘feel-good’ fonds. Het is niet voor niets dat sporthelden als Marianne Vos graag aanhaken als ambassadeur. Mij gaf het ook altijd een positief gevoel.”

“Het is ook een bescheiden fonds. We fixen het gewoon en hoeven daarmee niet de hele tijd op tv ofzo. Activiteiten zijn vaak lokaal en de kinderen zijn altijd het hoofddoel – niet het fonds of de bestuurders ervan. Aaibaar én bescheiden blijven, daarin schuilt voor mij de kracht van het Jeugdfonds.” Deze ‘simpele’ formule heeft geleid tot de ondersteuning van meer dan 80.000 Nederlandse kinderen per jaar. “Geweldig toch?”

Mooiste herinnering

Als ze één herinnering moet terughalen die er in al die jaren bovenuit sprong, dan is dat de start van de Tour de France in Utrecht in 2015. “Parallel aan de startetappe had het Jeugdfonds óók een startetappe georganiseerd. Maar dan voor kinderen. Van Utrecht naar Parijs. Fantastisch was dat! Ik fietste zelf niet mee hoor, ik ben niet zo sportief. Ik roei, maar de sportieve genen hebben mijn kinderen zéker niet van mij!” 

Christa Compas is programmamanager lerende aanpak bij de Realisatie-Eenheid, een delivery unit van het ministerie van OCW. Ze buigt zich momenteel over het hardnekkige lerarentekort. Van 2013 tot en met 2024 was ze betrokken bij het Jeugdfonds Sport & Cultuur. Eerst als bestuurslid en later als lid van de Raad van Toezicht.  

>> Meer informatie over onze Raad van Toezicht

Farid Gamei is directeur van de Nederlandse Vechtsportautoriteiten sinds dit jaar toegetreden tot de Raad van Toezicht (RvT) van het Jeugdfonds Sport & Cultuur. Hij is fervent sporter en behaalde als professioneel kickbokser nationale- en internationale titels. Wat hij voor het Jeugdfonds wil betekenen? Hij hoopt de kloof tussen beleidsmakers en de doelgroep te dichten.

Je kunt gerust zeggen dat sport in Gamei’s DNA zit. Hij sport al vanaf jonge leeftijd, volgde sportopleidingen, gaf les als (kickboks)leraar, bewandelde een topsportcarrière in het kickboksen, werkte voor de Johan Cruyff Foundation en is raadslid bij  de Nederlandse Sportraad. Als kers op de taart werd hij directeur van de Nederlandse Vechtsportautoriteit. “Ik ken sport op alle niveaus: van zelf beoefenen, tot lesgeven, bestuur rondom deelname aan sport en de sportclubs van mijn kinderen,” aldus Gamei.

Discipline en respect

Als kickbokser was hij actief op het hoogste niveau en behaalde meerdere titels. Nog steeds sport hij minimaal vijf keer per week. “Als jochie heb ik ook gejudood. En ik heb een tijd lang gevoetbald. Maar ik was diegene in het team die zich echt kon irriteren als teamgenoten de avond van tevoren waren gaan stappen, als ze het niet serieus namen. Misschien heb ik me daarom vanaf mijn vijftiende volledig op het kickboksen gefocust.”

Wat sport hem heeft gebracht? “De kernwaarden van de vechtsport, dat zijn waarden waar je de rest van je leven wat aan hebt: zelfbeheersing, discipline, doorzettingsvermogen, respectvol met elkaar omgaan. Alle sporten brengen je soortgelijke waarden bij, maar in de vechtsport hebben met name discipline en respect een hele belangrijke plek.” Hij benadrukt dat je hiervoor helemaal niet op hoog niveau hoeft te sporten. Op alle niveaus brengt sport je zelfvertrouwen, sociale contacten en met name plezier!

Opgegroeid middenin de doelgroep

Naast het kickboksen op topniveau werkte Gamei als buurtsportcoördinator bij de gemeente Amsterdam en organiseerde hij sportevenementen in zijn (oude) buurt. Hij was vaak te vinden op straat en Cruyff Courts. Maar ook in zijn jongere jaren bewoog hij zich onder de doelgroep van het Jeugdfonds: “Ik ben geboren en getogen in Amsterdam Oost. De Oosterparkbuurt, de Transvaalbuurt: dat zijn bij uitstek buurten waar de doelgroep van het Jeugdfonds zit. Die ken ik dus goed vanuit mijn jeugd, maar ook van toen ik als buurtsportcoördinator werkte en les gaf op verschillende kickboksscholen. Al die scholen waren zo’n beetje aangesloten bij het Jeugdfonds.”

Levenslessen: daar heeft iederéén recht op

Eind 2024 deed zich de mogelijkheid voor om toe te treden tot de Raad van Toezicht van het Jeugdfonds Sport & Cultuur. “In al mijn hoedanigheden heb ik gezien wat meedoen aan sport voor kinderen betekent. Plezier in bewegen op jonge leeftijd zorgt er op latere leeftijd ook voor dat je graag beweegt. Daarnaast zijn er de levenslessen en de mogelijkheden die het met zich mee brengt. Ik vind dat iedereen daar recht op heeft. Het mag niet zo zijn dat omdat je ouders het niet breed hebben, jij niet mee kunt doen. Het Jeugdfonds speelt daarin een sleutelrol. Ze zitten op de goede plekken en kunnen de mensen die het nodig hebben dat zetje in de rug geven.” Via zijn nieuwe functie wil hij daar zo direct mogelijk een steentje aan bijdragen.

Van straat naar Raad

In de woorden van een goede vriend van Gamei ging hij ‘van de straat naar de Raad’. Al zijn persoonlijke en professionele ervaring neemt hij mee naar de raadstafel. “Via de RvT wil ik niet alleen toezicht houden en bestuurlijk adviseren, maar ook de doelgroep dichterbij brengen. Ik kom uit de wijken waar Jeugdfondskinderen zitten. Ik ken de doelgroep, ik voel de doelgroep. En ik zie in breder verband dat de kloof tussen bestuurders, de mensen die beleid maken en de doelgroep steeds groter wordt. Het is mijn doel om deze kloof de komende jaren een stukje kleiner te maken.”

>> Meer informatie over onze Raad van Toezicht

Foto: Henriëtte Guest

Maarten Divendal zwaait af als lid van de Raad van Toezicht 

Maarten Divendal werd in 2014 bestuurslid van het Jeugdfonds Cultuur en zwaaide eind 2024 af als lid van de Raad van Toezicht van Jeugdfonds Sport & Cultuur. Hij blikt terug op een tien jaar cultuur, welzijnswerk en jongerenparticipatie.

Divendal heeft zich altijd enthousiast ingezet voor beter jeugdbeleid. Eerst als wethouder van de gemeente Haarlem en later als burgemeester van gemeente Ronde Venen. Het was een bevriende burgemeester die hem in 2014 naar voren schoof als bestuurslid voor het Jeugdfonds. Een actie die ervoor zou zorgen dat hij maar liefst tien jaar nauw betrokken zou zijn bij de organisatie. “Hij kende mijn kende voorliefde voor je jongerendoelgroep en affiniteit met cultuur, het was een schot in de roos,” aldus Divendal.  

‘Goed’ DNA

Zomerkampen organiseren, een jeugdaccommodatie realiseren in Heemstede, kinderen betrekken bij sport: sociaal welzijnswerk zit in Divendals DNA. Hij heeft er altijd voor willen zorgen dat kinderen – met welke achtergrond dan ook – mee kunnen doen aan allerlei activiteiten. Dat ‘goed doen’ heeft hij van huis uit meegekregen en geeft hij op zijn beurt zijn twee kinderen mee. De een is leiding bij de lokale scouting, de ander helpt in de zomer maanden drie weken mee op een bootreis voor gehandicapten. “Als je het goed hebt, moet je je ook inzetten voor mensen die het niet zo goed hebben. Daar wordt onze samenleving in zijn geheel beter van.”   

Meerkrachten key

De focus op jongeren vindt hij niet meer dan logisch. Zij zijn de toekomst. “Dus die jongeren moeten de kans krijgen om zich volledig te ontplooien. Ook als er thuis financiële belemmeringen zijn.”  

Bij het wegnemen van die financiële drempel ligt de focus van het Jeugdfonds. Maar Divendal ziet dat niet als allerbelangrijkste taak: “Die drempel wegnemen is eigenlijk pas een tweede stap: je moet deze kinderen allereerst weten te bereiken. Dat doet het Jeugdfonds via Meerkrachten (voorheen intermediairs), de mensen in het veld die nauw in contact staan met kinderen. Dat heb ik altijd een ontzettend sterke aanpak gevonden.” 

Talentontwikkeling via sport én cultuur

Divendal maakte de fusie van Jeugdfonds Sport en Jeugdfonds Cultuur mee in 2018. “Dat zorgde absoluut voor een professionaliseringsslag. Maar het was sowieso goed dat de twee samengingen. In wezen gaat het er wat mij betreft om, dat kinderen ontdekken waar ze goed in zijn. In een groep, op het veld, maar misschien ben je wel meer een solist en bloei je op van de dwarsfluit. Sport of cultuur: het kan allebei net zo belangrijk zijn in de levensloop en de ontwikkeling van een kind.” Zelf fietst hij. Ook brengt hij wekelijks een bezoek aan de sportschool. Daarnaast is hij een passieve cultuurbeoefenaar en bezoekt graag het theater of de bioscoop. Hij benadrukt: “Kinderen kunnen ook cultuur tot zich nemen zónder een muziekinstrument te spelen!” 

Verbreding

Zijn periode als toezichthouder van het fonds is ten einde gekomen. Divendal hoopt dat de organisatie nog een lange staat van dienst voor zich heeft. En dat het fonds in de toekomst de blik blijft verruimen. “Naast het betalen van contributie of lesgeld, zou het ook interessant kunnen zijn om – waar je de kans krijgt – te verbreden. Vluchtelingenkinderen helpen, of kinderen met een handicap. Onder andere door samen te werken met andere organisaties, zoals nu bijvoorbeeld gebeurt met Sam&.”

Maarten Divendal is sinds 2011 burgemeester van de gemeente Ronde Venen. Van 2014 tot en met 2024 was hij betrokken bij het Jeugdfonds Sport & Cultuur. Eerst als bestuurslid en later als lid van de Raad van Toezicht. 

>> Meer informatie over onze Raad van Toezicht

Wist je dat in Nederland?

kinderen en jongeren werden in 2025 via ons lid van een club.

kinderen en jongeren werden in 2025 via ons lid van een sportclub.

kinderen en jongeren werden in 2025 via ons lid van een cultuurclub.

uitgegeven sport- en cultuurattributen in 2025.